(in)difference online

publication

details

full title: (In)difference online: The openness of public discussion on immigration
author: Tamara Witschge
year of publication: 2007

the openness of public discussion on immigration

De Nederlandse multiculturele samenleving, eens gezien als schoolvoorbeeld van hoe verschillende culturen samen kunnen leven, staat onder druk. Hoewel tolerantie lang als handelsmerk van Nederland gezien werd, lijkt de houding jegens immigranten en minderheidsculturen het laatste decennium harder geworden. Bijna dagelijks rapporteren de media over de tegenstelling tussen de autochtone en allochtone cultuur. Spanningen treden steeds meer op de voorgrond en zijn in kracht toegenomen na gebeurtenissen als 11 september, de politieke verschuiving aangewakkerd door wijlen Pim Fortuyn, de aanslagen in Madrid in 2004, de moord op filmmaker Theo van Gogh door een moslimfundamentalist in 2004 en de aanslagen in Londen in 2005. Het publieke debat over immigratie richt zich steeds meer op het vraagstuk van sociale cohesie en of autochtonen en allochtonen wel samen kunnen leven.

In een situatie waarin angst of minachting voor de ander, (menings)verschillen en spanningen het publieke debat domineren, is het de vraag hoe op een democratische manier met de bestaande verschillen kan worden omgegaan. In een samenleving waarin steeds meer polarisatie bestaat, kan het moeilijk zijn om een dialoog te bewerkstelligen. In deze dissertatie heb ik onderzocht hoe de verschillen in de Nederlandse samenleving het publieke debat informeren en hoe mensen interacteren wanneer zij geconfronteerd worden met deze verschillen. Meer specifiek heb ik het publieke debat over het vraagstuk van immigratie geanalyseerd op een specifiek discussieplatform: dat van webfora. De centrale vraag van het onderzoek luidt: In hoeverre is het publieke debat over immigratie op Nederlandse webfora open voor verschillende discoursen en hoe interacteren deze verschillende discoursen in dit online debat?

In het onderzoek wordt zowel gekeken naar representatie en insluiting in het debat (wie spreekt er en wat wordt er gezegd?) als naar uitsluiting van het debat. De openheid van het debat staat centraal in het onderzoek aangezien openheid wordt gezien als het belangrijkste criterium voor het publieke debat. Na een bespreking van de traditionele theorie van deliberatieve democratie en het alternatief hiervoor van counter public theorie, besluit ik Hoofdstuk 1 met de in deze dissertatie gehanteerde definitie van deliberatie waarin openheid als belangrijkste kenmerk gezien wordt. Openheid kent twee belangrijke aspecten: i) openheid in termen van insluiting van verschillende deelnemers, standpunten en wijzen van communicatie; en ii) openheid van deelnemers ten opzichte van de andere deelnemers, en hun standpunten en communicatiewijzen. Deze openheid kan leiden tot engagement tussen verschillende discoursen en tot begrip voor de ander.

Het internet wordt vaak gezien als het ideale platform voor het publieke debat vanwege de ongelimiteerde ruimte die het biedt voor interactie alsmede de anonimiteit van de interactie. Deze twee kenmerken zouden moeten zorgen voor een discussie waarin vele (en veel verschillende) mensen deelnemen die zich vrij en gelijkwaardig voelen in het debat (zie Hoofdstuk 2). In deze dissertatie wordt empirisch onderzocht in hoeverre de discussies over immigratie op het internet open zijn en tot engagement en begrip leiden.

Om de mate van openheid te bepalen heb ik het publieke debat over immigratie geanalyseerd op zeven Nederlandse webfora (Fok, Maghrebonline, Maroc, Nieuwrechts, Politiekdebat, Terdiscussie en Weerwoord). Deze webfora zijn populair in termen van aantallen deelnemers, discussies en bijdragen. De selectie van fora beslaat verschillende typen fora: specifiek politieke fora (zowel meer links- als rechtsgeoriënteerd), fora gericht op allochtonen en algemene webfora. Vier verschillende aspecten van openheid worden onderzocht aan de hand van vier deelvragen in Hoofdstukken 4–7. Hieronder volgt een korte uiteenzetting van de bevindingen in deze hoofdstukken.

i) Hoe zijn webfora georganiseerd en op welke manier bevordert of bemoeilijkt dit de openheid van het debat? (Hoofdstuk 4)

De analyse van de normen en regels (netiquette) op webfora laat zien dat webfora er in het algemeen op gericht zijn een open discussieplatform te bieden. Er zijn twee soorten fora te onderscheiden die beide een andere vorm van openheid proberen te bewerkstelligen: i) algemene fora die gericht zijn op het bieden van een open platform voor allen; ii) fora die erop gericht zijn openheid te bieden voor een specifieke groep. Beide typen platform hanteren bepaalde regels om deze openheid te bewerkstelligen. De manier waarop dit gebeurt is echter niet altijd even transparant. De moderator heeft een zeer cruciale rol in het bepalen wie er communiceert, wat er wordt gecommuniceerd en op welke wijze. De daadwerkelijke openheid van de fora wordt in grote mate bepaald door deze actoren en feitelijk is er weinig ruimte voor gebruikers hier tegenin te gaan.

ii) In hoeverre zien en gebruiken deelnemers van online discussies webfora als open platform, in het bijzonder met betrekking tot de discussie over immigratie en integratie? (Hoofdstuk 5)

Om inzicht te krijgen in de redenen voor het deelnemen aan online discussies en de waardering van de deelnemers hiervan, is er een online vragenlijst afgenomen onder deelnemers van online discussies. De respondenten (grotendeels jonge, hoogopgeleide, politiek geïnteresseerde mannen) noemden de diversiteit van webfora als één van de belangrijkste kenmerken van het online debat. De respondenten nemen deel om hun eigen mening te uiten en die van anderen te vernemen. Ze ervaren de webfora waarop ze discussiëren over immigratie en integratie als open en beschouwen het internet als meer divers dan traditionele media. Hoewel deelnemers diversiteit belangrijk achten, en de online discussies als open ervaren, veranderen zij slechts zelden van mening naar aanleiding van een Samenvatting 163 discussie. Waar openheid lijkt te zijn, vindt er geen engagement plaats.

iii) In hoeverre zijn verschillende actoren en standpunten aanwezig in de online discussie over immigratie en integratie en hoe verhoudt dat zich tot de representatie in kranten? (Hoofdstuk 6)

In Hoofdstuk 6 wordt het debat over het onderwerp van eerwraak geanalyseerd zoals dit plaatsvond in februari 2005 in kranten en op webfora, om te bepalen of het online debat meer insluitend is (en er dus meer verschillende deelnemers en standpunten gerepresenteerd zijn). Deze analyse laat zien dat, hoewel de politieke elite het debat in de kranten domineert en er meer berichten en deelnemers zijn online, de krant toch meer diversiteit kent in deelnemers qua sekse en afkomst. Hiertegenover staat dat er online meer diversiteit is in termen van de gepresenteerde standpunten. Echter, ook hier zijn geen daadwerkelijke alternatieve discoursen aanwezig en is het discours dat wel aanwezig is in het debat zeer uitsluitend. Aangezien de ander niet gehoord wordt in het debat, vindt er geen engagement plaats en kan er geen begrip voor de ander worden bereikt.

iv) Hoe interacteren verschillende discoursen in het online debat wanneer er alternatieve discoursen aanwezig zijn en in hoeverre is deze interactie open? (Hoofdstuk 7)

In Hoofdstuk 7 worden online discussies geanalyseerd waarin wel een alternatief discours aanwezig is. Het betreft hier discussies rond de moord op een conrector door een scholier van Turkse afkomst. Ertan.nl, een kritische weblogger van Turkse afkomst, betuigt op verschillende fora steun aan de jongen die de moord pleegde. De analyse van de reacties op deze steunbetuiging laat zien dat, hoewel Ertan online een alternatief discours kan presenteren, het debat en de deelnemers niet openstaan voor dit alternatieve discours. Aangezien het debat er op gericht is het alternatieve geluid uit te sluiten, is het onmogelijk om tot engagement en begrip te komen. Om te bepalen in hoeverre alternatieve communicatiewijzen kunnen helpen bij het overbruggen van grote verschillen, wordt een tweede discussie geanalyseerd die gestart is naar aanleiding van een steunbetuiging aan de dader, maar waarin tot op zekere hoogte wel engagement en begrip tot stand komen tussen verschillende discoursen. Deze discussie laat zien welke rol begroeting, narratief, het delen van persoonlijke ervaringen en retoriek kunnen hebben in het publieke debat over omstreden issues. Deze vormen van communicatie kunnen de toon van het debat verzachten, en de deelnemers meer welwillend en open ten opzichte van elkaar laten handelen. Zodoende wordt de mogelijkheid voor engagement en begrip vergroot.

Deze vier empirische studies laten zien dat, hoewel zowel gebruikers en moderatoren van webfora de online discussies als open beschouwen, er weinig diversiteit is. Wanneer er wel diversiteit is in de discussies, is het discours er op gericht dit uit te sluiten van het debat. Een belangrijke rol is weggelegd voor alternatieve wijzen van communicatie. In de Conclusies van de dissertatie bespreek ik de implicaties van deze bevindingen. Gelden deze bevindingen alleen voor het issue van immigratie, of ook voor andere omstreden issues? Wat zeggen de bevindingen over de ideale vorm van een publiek debat? Welke criteria zouden moeten gelden voor discussies, en wat zijn de gevolgen die aan deze criteria verbonden zijn? Welke conclusies kunnen we trekken ten aanzien van het internet en het publieke debat? Hoewel er een zee aan ruimte is op het internet om alternatieve discoursen te uiten, zal dit geen verschil uitmaken tenzij deelnemers aan het publieke debat zich openstellen voor deze discoursen en ze deze niet onverschillig en vijandig tegemoet treden.

featured publications

experientialist understanding of journalism

experientialist understanding of journalism

Exploring arts-based research for journalism studies.
Read More
creativity in journalism studies

creativity in journalism studies

Broadening our perspective on journalism practice.
Read More
beyond journalism

beyond journalism

Stories from startup journalists.
Read More